Logo Pepijn@Landen
Heemkunde Pepijn@Landen
erfgoed | lokale geschiedenis | cultureel toerisme
Ga naar de inhoud
Erfgoed
Walshoutem

Sint-Lambertuskerk
In het landschap van kerken neemt de Sint-Lambertuskerk van het dorpse Walshoutem, gesticht binnen het bronnengebied van de Molenbeek, een markante plaats in. Tweederden van de tienden waren in handen van de abt van Au1ne, terwijl éénderde aan de parochiepriester toebehoorde. De abdij van Au1ne, gebouwd in een pittoreske bocht van de Samber in de provincie Henegouwen, werd in 657 door Landelinus gebouwd. De naam Aulne slaat op de elzen die er rijkelijk in de buurt groeiden.
Voor Walshoutem geldt 20 februari 1228 aIs een belangrijke datum. Op deze dag immers schonk ridder Cuno de Hadelenges de tienden en het patronaatsrecht, dat hij over de kerk in handen had gekregen, aan deze Cisterciënzerabdij. Tussen de Middeleeuwen en vandaag heeft Walshoutem drie parochiekerken gekend. Op 28 juli 1772 werd de voormalige bakstenen zaalkerk in Lodewijk XIVde stijl ingewijd. Terwijl het hoofdaltaar (A. Collard 1771) , bekostigd door de abdij van Aulne, barokkenmerken vertoonde, verraadde de stoffering van het kerkinterieur een Lodewijk XVde stijl. Sint-Nicolaas, van oudsher de tweede patroonheilige, troonde op het zijaltaar aan de epistelzijde, maar werd in 1866 onder impuls van pastoor J. Vecoven door de meer volkse beschermheilige Sint-Gerlachus vervangen. Uiteindelijk werd in 1967 dit kerkje, waarvan het schip 4 traveeën telde, gesloopt.
Aldus werd plaats geruimd voor het huidige kerkcomplex op rechthoekige plattegrond, naar een ontwerp van architect Nivelle. Op 15 juni 1968 zal Mgr. Schoenmaeckers deze gebedsruimte uit eigentijds naakt bouwmateriaal van baksteen en beton inwijden. Aan de westzijde verrees een vrijstaande open klokkentoren. Een pseudo-absidiale koorsluiting met laterale lichtinval, oriënteert de kerk. Een glas-in-lood (Dewynck-Bauwens 1975) ter hoogte van het portaal, waarin een scène uit de vita van één van Gods lieve heiligen Sint-Lambertus werd gerealiseerd, houdt de herinnering aan deze patroonheilige levendig. Er werd een kleurrijke eigentijdse kruisweg (Bauwens 1977) aangebracht. Naast een hardstenen doopvont (1ste helft 16de eeuw), een tabernakel (Raf Verjans 1967), ambonen, een doopvontdeksel en een paaskandelaar (Jef Claes, Genk 1990) , zorgt een modern orgel (M. Nagels 1981) voor de opluistering van de liturgieviering. Dit orgel vervangt het ontmanteld J.B. Le Picard-orgel uit de voormalige kerk. Een gepolychromeerd houten beeld van Sint-Lambertus (19de eeuw) met een gesloten boek als attribuut, werpt een meewarige blik doorheen een post-Vaticanum II gestoffeerde liturgische ruimte.

Pastorie (Sint-Lambertusstraat 51)



In het begin van de 18de eeuw brandde op de Black de woning af van de graven de Bronckhorst de Gronsfelt. De erfgenamen verkochten de laatste nog intact gebleven bakstenen in 1710 aan pastoor Jean Bormans, die ze gebruikte voor de bouw van de pastorie (1712-1713). De oude poort met arduinen omlijsting, waarachter eertijds de
lijkwagen stond, biedt een mooie aanblik vanuit de pastorietuin.

Hoeve Coppejans (Walhostraat 41)
Deze gesloten winning van omstreeks 1800, bewoond door de familie Coppejans-Ovart (?), vertoont boven het poortgebouw een mansardedak. Deuren en vensters ziln voorzien van arduinen omlijstingen. Boven de schuurpoort staat 1858. De eerste verdieping van het woonhuis herbergt, een 'geheim altaar', verscholen achter twee deuren. Mogelijk was dit altaar wel bedoeld voor de niet-beëdigde priesters, die tijdens de beloken tijd van de Franse Revolutie stiekem de mis moesten celebreren. Tot in het jaar 1922 draaide er in het poorthuis een generator om elektriciteit op te wekken: een dynamo werd aldus aangedreven, die de batterijen oplaadde.
Verschillende eigenaarswisselingen waaronder Pierco, Higuet, Godsyabois en Van Crombruggen. (Beschermd K.B. 11/6/1976).

Molenhoeve (Waasmontstraat 7)
Op het einde van de dalende bochtige voormalige Molenstraat ontwaren we in de nabijheid van de Tulteabron, de hoeve met voormalige graanwatermolen (19de eeuw) van de familie Ph. Petré-Raeymaekers. In het Middelnederlandse toponiem 'Tultea' (1358) staat. 'Tul' voor bos. Deze molensite, fraai geïntegreerd in een oeroud beeklandschap, was oorspronkelijk een afhankelijkheid van de abdij van Sint-Laurent van Luik. In 1078 immers schonk bisschop Hendrik van Verdun aan dit kapittel van Sint-Laurent verscheidene bezittingen, waaronder ook deze watermolen ressorteerde. Het ijzeren bovenslagwiel, dat via een gegraven bijpas in beweging werd gebracht, werd reeds na W.O.II ontmanteld. In 1995 tenslotte ondergingen tijdens renovatiewerken ook het overbrengingsmechanisme op de maalvloer, de builder, graankuiser en de maalstenen op de steenzolder alsook het luiwerk hetzelfde lot. Enkel een steengalg en twee koppels maalstenen reeds decennia in rusttoestand - refereren nog naar een arbeidsintensief verleden.

Aulnenhof (Walshoutemstraat 74)
De verschillende bouwfasen van deze Haspengouwse hoeve, vroeger 'Jadoules' geheten, zijn er duidelijk op af te lezen. Boven het poorthuis staat het jaartal 1739 vermeld. Tegenover de ingangspoort bevindt zich een ruime schuur, met rechts het woonhuis als oudste kern. De diverse dienstgebouwen, vaak van ingebeitelde data voorzien, verraden qua structurele ordening een typisch Haspengouws hoevecomplex. Natuurstenen omlijstingen van deur- en vensteropeningen alsook van verluchtingsspleten profileren idyllisch de gevelstructuur. Deze voormalige abdijhoeve van Aulne werd gebouwd door de familie Desfraisne. Deze hoeve was eens het centrum van een landbouwexploitatie met een bewerkt areaal van 110 ha. Ze meet 69 m bij 64 m (gevelafmetingen). In 1989 kreeg dit statisch complex een horecadimensie mee. Naast feestzalen werd de infrastructuur in 1992 verder uitgebreid door de renovatie van een indrukwekkende schuur (afmetingen: 15 m breed, 31 m lang , 17m hoog) met een stoer eikengebinte, die het overgrote deel van de zuidoost vleugel inneemt. In 1996 heeft een bistro, ondergebracht in de zuidelijke vleugel, het geheel vervolledigd, dat nu door P. Winkelmolens wordt uitgebaat. De benaming 'Aulnenhof' verwijst uiteraard naar de abdij van Aulne. (Beschermd K.B. 15/10/1976).

Hoeve (Bormanstraat 46)
Bij een akte van verdeling uit augustus 1756 kwam de hoeve in bezit van Hieronymus Melotte-Vandecan. Omstreeks 1788 erfde Dieudonné Melotte de gebouwen van zijn ouders en vatte hij omstreeks 1800 (zie poortgebouw) de verbouwingswerken aan. Bij zijn dood erfde zijn dochter Ida de hoeve in 1815. Zij en haar man Jean-François Wauters herbouwden de hoeve. In 1814 kwam de hoeve in het bezit van Julien Wauters, pastoor te Neerwinden. In 1887 kocht hij ook de aanpalende hoeve. Bij zijn dood in 1905 kwamen beide hoeven in bezit van zijn neef, Edmond Higuet, die onmiddellijk herbouwingswerken aanvatte. Na de dood van Leontine Poelmans, weduwe Louis Higuet, werd de hoeve in 1987 verkocht aan de familie Bogaert, die de hoeve aan haar eigen noden heeft aangepast. Typisch voor de hoeve zijn de mooie arduinen boven het koetshuis, het gebouw naast de poort waar de varkensketel stond, de bietenkeld.er onder de schuur en het imposante mestgat. In het midden van het erf. (Beschermd K. B. 15/10/1976)

Hoeve (Bormansstraat 48)
De oudst gekende eigenaar van deze hoeve, op het einde van de 18de en het begin van de 19de eeuw, was Lambert Fleussu. Omstreeks 1837 begon de nieuwe eigenaar Godfroid Joseph Verlaine aan de verbouwingen. Het poortgebouw zelf kwam klaar in 1848. Aldus kwam deze typisch Haspengouwse hoeve in het bezit van Ignace Joseph Verlaine. Zijn dochters verkochten in 1887 de hoeve aan Julien Wauters, gepensioneerd pastoor van Neerwinden. Hij verhuurde de hoeve aan zijn neef Edmond Higuet. Na een brand door blikseminslag omstreeks 1910 werd de vernielde schuur afgebroken en kreeg de boerderij haar huidig uitzicht. Bij de dood van J. Wauters werd Edmond Higuet eigenaar van beide hoevegebouwen en verhuisde hij naar de hoeve Bogaert. In 1939 kwamen de gebouwen in het bezit van Fulvie Higuet, echtgenote Georges Leclaire: zij hebben de winning van een definitieve ondergang gered. Tenslotte werd het hoevecomplex in 1980 eigendom van de familie K. Collin-Higuet. (Beschermd K.B. 15/10/1976)


Gesloten hoeve 19e eeuw, Sint-Lambertusstraat 68.

Kasteel Pierco
Het kasteel Pierco, gelegen in de gelijknamige straat (14-15), werd gebouwd in de jaren 1820-1830. E.H. Hubert Pierco (1804-1876), pastoor van Grand-Hallet, had het in eigendom in het midden van de 19de eeuw. Omstreeks 1850 kwam het in handen van Jean Pierco (1825-1887). Uit zijn huwelijk met Eugenie Raeymaeckers werden drie kinderen geboren: Ju1es Pierco (1849-1893 ), Armand Pierco (1853-1912 ) en Maria Adèle Elisabeth Pierco (1856-1889). Uit het huwelijk van Jules Pierco met Victorine Beaudhuin, gesloten op 5 september 1873, ontsproten twee kinderen: Jean en Joseph Pierco. Marthe Eyben huwde Jean Pierco (1874-1928) en werd als Madame Pierco,
omwille van haar liefdadigheid, door eenieder bemind. Zijn broer Joseph (1877-1949) was voorbestemd voor een politieke loopbaan. Vooreerst nam hij de functie waar van burgemeester van zijn geboortedorp vanaf 1928 tot aan zijn dood. Tevens was hij quaestor van de Kamer en advocaat bij het Hof van Beroep. Vier burgemeester van Walshoutem hebben aldus dit kasteel bewoond: Pierco Jean (1879-1887); Pierco Jules (1889-1893); Pierco Jean (1921-1928); Pierco Joseph (1928-1941).
Dit kasteel (1ste helft 19de eeuw) uit zand- en baksteen onder leien zadeldak vertoont een neoclassicistische vormgeving. De raampartijen met zandstenen omlijsting, aan de bovenrand met een fries afgeboord en verfraaid met bloemen en vlinders, ritmeren de gevelordonnantie. Het middenrisaliet, bekroond met vierkante torenspits, vertoont drie traveeën met dito bouwlagen, terwijl de zijrisalieten, eveneens uit drie traveeën opgebouwd, slechts twee bouwlagen telIen. Ze zijn afgewerkt met een gevelveld in gedrukte spitsboog, waarop een pinakel troont. Het kasteel werd bewoond door de families Gillet en Van den Bossche...

Gemeentehuis en gemeentelijke basisschool
Het voormalig gemeentehuis, incluis het schoolhuis en vier voormalige klaslokalen, werd in 1866 opgericht. In 1937 werden deze vier klaslokalen gesloopt om plaats te bieden aan het huidige T-vormig gebouw, geflankeerd door een kleine en grote speelplaats. In 1976 werd uiteindelijk dit gebouwensemble oostwaarts uitgebreid met een nieuw complex. In het jaar 1900 werd in de Piercostraat een nieuw schoolgebouw opgericht waar tot in 1928 de meisjes onderricht kregen. Vervolgens werden er de jongens ondergebracht en verhuisde de meisjesafdeling naar het huidig gebouwencomplex. Op 1 september 1966 kwam uiteindelijk ook de jongensschool naar de huidige basisschool.

Armand Knaepen
Kunstschilder Armand Knaepen zag het levenslicht te Walshoutem op 5 juni 1887. Zijn liefde tot de natuur en het agrarische leven vormden een onuitputtelijke bron van inspiratie. Tijdens zijn verblijf in Tienen ontstonden de lumineuze tekeningen omtrent het begijnhof aldaar. Terecht heeft deze stad zijn naam gehecht aan de plaatselijke academie. In 1968 schonk ook zijn geboortedorp, waar een laan zijn naam meekreeg, hem de titel van ereburger, die hij eveneens in 1976 van de stad Landen mocht ontvangen. Op 13 januari 1982 stierf hij. Maar doorheen zijn talrijke doeken blijft hij getuigenis afleggen van wat de schepping voor de mens betekent, de weerspiegeling van Gods schoonheid.
Kapelletjes
Sint-Bavokapel (Bormanstraat)
Naar aanleiding van zijn zilveren priesterjubileum liet Ludo Collin, kanunnik in het Bisdom Gent een kapel oprichten in zijn geboortedorp Walshoutem. De kapel werd ingezegend op zondag 27 augustus 2000 door mgr Arthur Luysterman, bisschop van Gent. Ze werd gebouwd op de hoek van een weide gelegen naast de ouderlijke hoeve van Ludo Collin (eigenaar van de weide is Jos Collin, broer van Ludo). Het ontwerp en bouw van de kapel waren voor rekening van Jan Higuet met de hulp van Wardon Casters. Octave Champagne zorgde voor het leien dak en het stadsbestuur van Landen bekostigde het voetpad aan de kapel.
Deze niskapel bestat uit baksteen en heeft een leien zadeldak met houten lijst. In de punt van de gevel staat het jaartal 2000 gegrift in een klein blauwstenen blok. Onderaan is er een bordje in hetzelfde materiaal met opschrift Sint-Bavo B.V.O. In de nis die afgeschermd door een ijzeren hekken en ondersteund door een natuurstenen tablet, staat een modern keramieken beeldje van de heilige Bavo, vervaardigd door Paul De Bruyne, een keramist uit Gent. Bavo wordt hier afgebeeld als ridder-edelman met zwaar en valk. Het feit dat Ludo Collin rector is van de Sint-Baafskathedraal in Gent, beïnvloedde zijn keuze voor Sint-Bavo. De roots van deze heilige, die graaf van Haspengouw was en verwant met de familie Pepijn van Landen, zouden in Overwinden liggen.
Kapel van het Heilig Kruis (Walhostraat)
De stad Landen is eigenaar van dit bedehuis (Landen, afdeling 3, sectie A, 1138F). De familie Menten-Petré zorgt sinds meer dan een halve eeuw voor het onderhoud ervan. Op de samenloop van vijf wegen werd in 1899 de huidige H. Kruiskapel gebouwd. De restanten van de oude muren van de voormalige veldkapel uit 1780 werden als fundament gebruikt. De rechthoekige kapel met zadeldak van pannen meet 3.20 m in de breedte, 4,30 m in de hoogte en is 5 m lang. De bakstenen muren zijn wit gekalkt. Langs beide zijden heeft de kapel drie rondbogige ramen, voorzien van ijzeren hekjes. Een spitse houten deur met spitsbogig doorkijkje sluit de kapel af. Aan de nok van het dak werd een crucifix bevestigd. Het altaar achterin werd in steen opgemetseld. In een rondbogige lijst is een crucifix bevestigd. Rechts op het altaar staat een groot plaasteren Mariabeeld met Jezus op de linkerarm die een rijksappel in de linkerhand draagt en met de rechterhand een zegenend gebaar maakt. Links staat een miniatuurbeeld van Maria met kind. Het altaar is versierd met bloemen en er zijn een aantal bidstoelen aanwezig. Aan de linkermuur hangt nog een houten crucifix en een kader met denkbetuiging waarop Christus van het Heilig Hart afgebeeld is. De dankbetuiging luidt als volgt: 'La famille Petré-Muls composée de Muls Mélanie 'épouse Petré), Joseph Petré [...] et Jean Petré. C'est solenellement au coeur de Jésus/le 30 Septembre 1924'.
Het heilig kruis op het altaar, dat vol houtworm stak en overschilderd werd, werd rond 2001 samen met twee eiken kandelaars uit de kapel gestolen. Gemeentesecretaris Georges Uytebroeck en Jean Mathieu bezorgden beiden een nieuw kruis. Het beeld van O.L.Vrouw van Altijddurende Bijstand werd bij de jaarlijkse sacramentsprocessie uitgestald op het dorpsplein. De familie Mombaerts-Kempeneers schonk in de jaren 1990 dit zwaar beschadigde beeld aan de kapel. Kort daarna werd het gerestaureerd.
Dit gebedshuis vormde eertijds een rustpunt voor de sacramentsprocessie. De pelgrims komen er o.m. bidden voor hun zieke vee. Om de ziekte 'af te binden', wordt een stukje touw of wat haar van het zieke beest afgeknipt om het vast te knopen aan de tralies van het venstertje in de kapeldeur. Ook dit gebruik werd omwille van de geurhinder afgeblazen. Vroeger vierde het dorp de Kruisdagen waarbij op de laatste dag bij deze kapel een plechtigheid plaatsvond. Nu wordt in deze kapel nog jaarlijks een mis opgedragen aan het eind van de meimaand.

Plechtige herinzegening kapel H. Kruis door E.H. Jos Figeys, federatiepastoor van Landen


Herinzegening kapel H. Kruis door federatiepastoor Jos Figeys op 9 oktober 2011 (Foto: G. Wemans)

Het stadsbestuur van Landen heeft samen met de inwoners van de wijk Walho de kapel van het H. Kruis in de Walhostraat in een prachtig nieuw kleedje gestoken. Ze werd opnieuw ingezegend door federatiepastoor Jos Figeys op 9 oktober 2011. Ondanks het gure herfstweer waren talrijke gelovigen hun sympathie komen betuigen. De kapel bezit voortaan ook een nieuwe relikwie. “Het is een relikwie genomen uit de grote kruisrelikwie van de kapel van het bisschopshuis in Gent.”, vertelt historicus Carl Pansaerts. De aanwezigen konden deze relikwie aanraken en zichzelf tekenen door het ‘kruis’teken. De plechtigheid riep bij schepen Josseline Pansaerts emoties uit haar kindertijd op. “Tijdens de examentijd spraken we hier af en het was tevens een idyllische plek om samen met ons liefje door te brengen. De omgeving deed dienst als speel- en koersterrein”, herinnert ze zich. “Voor de ouderen was het een plek om even op adem te komen, te keuvelen of in stilte te mijmeren. Maar ook nu wordt deze locatie gekoesterd. Getuige het bloemenfestijn aan de deuropening.” Federatiepastoor Jos Figeys formuleerde zijn bedenkingen betreffende de beleidsnota van minister Geert Bourgeois in verband met de herbestemming van de Vlaamse parochiekerken. De huidige kapel werd in 1899 opgetrokken op de fundamenten van de oude kapel. Schepen Pansaerts sprak tot slot een dankwoord uit. De stedelijke technische dienst zorgde voor de vernieuwing van de dakconstructie, terwijl de oude kapeldeur een nieuw kleed kreeg en een prachtig glaskader. Dank zij kanunnik Ludo Collin is de kapel een pareltje geworden met een enig, doch sober en stijlvol interieur. Maar ook de vele vrijwilligers, ververs, kuisers, boorders, poetsers en de bakploeg werden niet vergeten. Last but not least werden Maria Petré en wijlen echtgenoot Marcel gehuldigd. Zij waren jarenlang de behoeders van ‘hun tweede huisje’. (Bron: G.Wemans, Ons Landens Erfdeel nr. 81).

Kapel O.L.V. van Altijddurende Bijstand
Palend aan deze molensite, ter hoogte van de Waasmontstraat, staat een bakstenen kapel (einde 19de eeuw) toegewijd aan O.L.V. van Altijddurende Bijstand (Molenkapel). Men vermoedt dat de kapel gelijktijd gebouwd werd met de watermolen die iets verderop ligt. Het bedehuis is eigendom van de stad Landen (Landen, afdeling 3, sectie B, 521B). De bakstenen constructie met zeshoekig centraal grondplan staat op een stukje grond dat veel lager ligt dan de straat en is te bereiken via een trap voorzien van een groene metalen leuning. Op het stukje grond staat een houten zitbank tussen de beplanting. Het zinken dak van de kapel bevat in de top de rijksappel. De deuropeninbg heeft een spitse boog, bovenaan omgeven door arduin, waarop het moeilijk leesbare opschrift: O.L.Vrouw van Altijddurende Bijstand B.V.O. De voet van het altaar stelt een boomstam voor. Aan het altaarblad werd een wit kanten doek bevestigd en op het altaar staat, tegen de achtergrond van een hemelsblauw doek, een plaasteren beeld van de heilige Jozef met Jezus aan zijn zijde. Deze veldkapel bezat een beeldje van de heilige Ghislain. Toekomstige moeders smeken hier een goede bevalling af. Tijdens W.O.I kwamen de vrouwen, wier man of zoon soldaat was, hier bidden. Ze baden er een noveen en liepen negenmaal rond het heiligdom.


Herinzegening kapel door federatiepastoor van Landen Raf De Smedt (7 oktober 2012) (Foto's: G.Wemans)

Federatiepastoor huldigt gerenoveerde molenkapel Walshoutem in
De nieuwe federatiepastoor Raf Desmedt heeft op zondag 7 oktober 2012 het gerenoveerde kapelletje met de lange naam 'Kapel van Onze-Lieve-Vrouw van Altijddurende Bijstand’ in de Waasmontstraat ingezegend. Dit kapelletje, onttrokken aan het oog van menig voorbijganger, vertoeft sinds het einde van de 19e eeuw in de nabijheid van een kabbelend beekje, leidend naar de lokale molenhoeve. Vandaar ook ‘Molenkapel’ genoemd. “De stad Landen liet dit kapelletje, samen met de Eikkapel en de kapel ’t Eikske – dankzij Europese subsidies - voor ruim 30.000 euro renoveren”, benadrukt schepen Josseline Pansaerts. “Deze kapel bezat een beeldje van de heilige Ghislain. Hij redde een kasteelvrouw uit haar bedreigende barensweeën”, alsdus nog Pansaerts. De bakstenen constructie met zeshoekig centraal grondplan ligt lager dan de straat. Het zinken dak bevat in de top een rijksappel. De deuropening heeft een spitse boog, bovenaan omgeven door arduin, waarop het moeilijke leesbare opschrift: ‘Onze Lieve van Altijddurende Bijstand B.V.O.’  (Bron: G. Wemans, Weekspiegel 2012, week 42).
Terug naar de inhoud